16:07
We zijn nu met ‘de familie’ op de verjaardag van één of andere vage oom. Niet dat ik ooit gehoord heb van ‘Oom Sjaak’ of ‘Tante Lenny’ maar ik doe maar alsof het allemaal koek en ei is.
16:20
Toen ik oom Sjaak feliciteerde zei hij: “Jij bent leuk opgedroogd zeg!”
Als we het eens moeten gaan hebben over leuk opdrogen dan zijn we bij hem nooit klaar.
Een bierbuik en een terugtrekkende haarlijn zijn nooit aantrekkelijk geweest.
17:01
Leuk. We gaan zo barbecueën. Als ze maar niet denken dat ik zo’n homp vlees ook maar met één vinger aanraak.
17:23
De ‘mannen’ zijn een beetje met elkaar aan het dollen. Gelukkig gooien ze niks om, want dan zou tante Lenny een rolberoerte krijgen.
17:31
Toch nog gelukt, want de servieskast viel om.
17:55
Het feest is nog in volle gang. Tante Lenny ligt ergens boven op bed te creperen, oom Sjaak zit bij de huisartsenpost vanwege een glasscherf in zijn been en andere ledematen en de andere ‘mannen’ hangen een beetje bij de barbecue rond. Ze gaan professioneel te werk. Ene ‘Leen’ werpt tien liter spiritus op de barbecue en ‘Kees’ zit een beetje met een stokje in de kolen te porren.
18:18
Er komt een gigantische steekvlam uit de barbecue. Een paar gasten kijken op, maar niemand neemt aanstalten om het T-shirt van Leen te blussen. Ik zou best willen helpen, maar ik kan niet zo goed tegen rook. Gelukkig springt hij nu in een rozenstruik en hebben we geen last meer van hem.
18:36
Erg leuk allemaal, maar er is nog steeds geen eten. Tante Lenny is onderhand weer beneden en bood ons net wat aardpeermelk aan, wat erg aardig van haar is. Ik zei heel beleefd dat ik de komende paar uur nog graag in leven wil blijven. Mijn vader smeet meteen één van zijn orthopedische sandalen tegen mijn hoofd aan. Ze kunnen ook nooit eens normaal doen hier.
19:05
Nadat Lenny haar witlof-prei ovenschotel ook in de fik vloog, besloot mijn broertje voor de tweede keer in zijn leven iets nuttigs te doen: De bezorgchinees bellen.